Autisme in de familie
Let op: er is geen kant-en-klare methode voor de begeleiding van mensen met autisme! Ieder mens met autisme verdient een aanpak die past bij zijn of haar persoonlijkheid!
Tips wanneer u iemand met autisme in de familie hebt:
- Wat moet er gebeuren, hoe, met wie, waar en wanneer en wat komt daarna? De antwoorden op deze vragen geven iemand met autisme duidelijkheid en structuur en dus houvast. Maar let op: te veel informatie leidt ook tot verwarring.
- Mensen met autisme zijn vaak eenzaam door het ontbreken van diep, wederkerig contact. Houd daar rekening mee.
- Erken autisme en accepteer het. Praat er met elkaar over.
- Leer de persoon met autisme functionele vaardigheden, zoals communicatievaardigheden, zelfredzaamheid en strategieën om te leren leven met autisme. Natuurlijk kunt u dat niet alleen. Schakel de juiste hulp in.
- Vooral pubers vinden het erg dat ze autisme hebben en hulp nodig hebben!
- Bij mensen met autisme is het ‘sociale begrijpen’ slecht of niet ontwikkeld. Hierdoor voelen zij de regels van het sociale leven niet of nauwelijks aan. De sociale situatie uitleggen heeft daarom weinig effect. U kunt mensen met autisme het beste duidelijke gedragsvoorschriften geven zonder dat u elke keer weer het waarom ervan uitlegt.
- Luister met respect naar de verhalen van de persoon met autisme. Maar wanneer hij of zij blijft doordraven, kunt u rustig afkappen en overgaan op een ander onderwerp.
- Wees voorzichtig met het uiten van kritiek: dit wordt vaak niet begrepen. Opmerkingen met een dubbele bodem, zoals grapjes, worden vaak letterlijk genomen en daardoor niet begrepen. Houd daar rekening mee.
- Praten over gevoelens en emotie is heel lastig. Gevoelens verwoorden is extreem moeilijk voor mensen met autisme. Benoem emoties waarvan u denkt dat die meespelen en probeer uw eigen emoties zoveel mogelijk te beperken.

